17 Analyse van de weg terug

Deel 8

“Onderzoek alles, behoud het goede.”

1 Tessalonicenzen 5 vers 21

In dit hoofdstuk stuiten we op de diepste betekenis van de Steen der Wijzen. Ze is een richtingaanwijzer voor het “Smalle Pad”. Dit “Smalle Pad”, een bekende term uit het Christendom, is een metafoor voor de weg die de mens kan volgen terug naar God. De aanwijzingen voor het volgen van het smalle pad kunnen we uit verschillende onderdelen destilleren. We nemen eerst de belangrijkste onderdelen door. Deze zijn de impulsen uit de alchemistische elementen, het externe proces langs de negen stadia in de Enneasteen en het interne proces volgens de Wet van Zeven. Hierbij speelt bekering of omkering een belangrijke rol.

Om te toetsen of we dit bekeren op de juiste manier opvatten gebruiken we de oudste bronnen rond de Enneasteen die we tot nu toe kennen. We gaan duizenden jaren terug in de tijd en onderzoeken naast vroeg-Christelijke bronnen de ware betekenis van het Egyptische Dodenboek. Voor het eerst in eeuwen kunnen we niet alleen zien maar nu ook begrijpen wat er in staat. De betekenis blijkt niets anders te zijn dan de juiste uitleg van het systeem van de Enneasteen. Dit is werkelijk een grote nieuwe ontdekking, hier voor het eerst onthuld. Er ontstaat zo zicht op de belangrijkste formule van de wereld: de formule voor het maken van goud van een andere wereld.

17.1         Bekering van het octaaf

We hebben de Enneasteen in eerste instantie toegelicht vanuit het proces van het scheppen van de wereld (hoofdstuk 9). Hierin hebben we gezien dat het scheppingsproces begint bij het Absolute en volgens de logica van een dalend octaaf verloopt. Dezelfde logica van het dalende octaaf hanteerden we toen we bespraken hoe we goud van deze wereld kunnen maken. Ook nu gaan we goud maken. Alleen is dit goud van een andere wereld. We gaan onderweg terug naar het Absolute. Daarom draaien wij de logica nu om: we hanteren een stijgend octaaf. Onderstaande tabel geeft de dan onstane volgorde van de zeven hemelen weer. Ter vergelijk is in de rechter kolom het kenmerk roeping weergegeven, dat bij de Enneatypes hoort zoals gedefinieerd door Rohr/Ebert [13]. Deze roeping is de kwaliteit die nodig is om in de volgende hemel te komen.

Stap en toonHemel nummerRoeping
9 DoimpulsLiefde
8 Re1Mededogen
7 Mi2Realisme
6impulsGeloof
5 Fa3Wijsheid
4 Sol4Oorspronkelijkheid
3impulsHoop
2 La5Vrijheid
1 Si6Groei
0 Do7Compleetheid, weten

                        Tabel 17.1: bekeerd octaaf en hemelen (JG)

Of deze omkering van de volgorde ten opzichte van de volgorde van de punten in de Enneasteen juist is zullen we uitgebreid toetsen. We beginnen alvast met een tekst uit de Bijbel die aansluit op een eerder geciteerde tekst waarin Paulus over de derde hemel spreekt (2 Kor 12:1-4). In Timothius 4:7-8 kondigt Paulus zijn dood aan en worden verdere details gegeven over de derde hemel:

“Ik heb den goeden strijd gestreden, ik heb den loop geëindigd, ik heb het geloof behouden; Voorts is mij weggelegd de kroon der rechtvaardigheid, welke mij de Heere, de rechtvaardige Rechter, in dien dag geven zal; en niet alleen mij, maar ook allen, die Zijn verschijning liefgehad hebben.”

Het is niet zeker dat deze tekst inderdaad terug te voeren is op de derde hemel, want de tekst staat in een andere brief dan de tekst waarin hij schrijft over de derde hemel.  Maar het is wel opvallend dat deze derde hemel geassocieerd wordt met een kroon van rechtvaardigheid. De derde hemel bevindt zich op punt 5) in de Enneasteen: het punt van de Wijsheid, dat volgt op punt 6) waar we geloof plaatsten… 

# ‎17‑1 De werkelijke toepassing van de Enneasteen is de omzetting van de “onedele” of vergankelijke mens naar de “gouden mens” met zijn diverse stadia. Dit verloopt via een proces dat is omgekeerd ten opzichte van het scheppingsproces.

We zullen nu eerst onderzoeken of we iets kunnen zeggen over de impulsen op 9), 6) en 3).

17.2         Alchemische impulsen voor de weg van bekering

Volgens de alchemistische overlevering is de Steen der Wijzen een middel om goud te maken uit onedel metaal. De Alchemisten in de middeleeuwen hebben dit doorgaans letterlijk opgevat. Ze hebben daarom vele experimenten uitgevoerd. Deze vormden een basis voor de moderne scheikunde. In veel middeleeuwse geschriften staan obscure en vage recepten om werkelijk goud te produceren uit kwikzilver, alsem, allerlei legeringen en stoffen als seleniet en rode zwavelarsenicum. Er zijn berichten over successen, maar telkens weer is het overgeleverde recept volkomen larie gebleken en heeft de betrokken alchemist zich teruggetrokken en niets meer gepubliceerd. Soms hebben alchemisten een belangrijke rol gespeeld in armoedebestrijding of andere sociale weldaden. Maar er waren vooral veel bedriegers in het spel die op slinkse wijze geld probeerden te verdienen.

Figuur 17.2a: De Alchemist, Johannes Stratensis, 1570

In hoofdstuk 12 over het maken van goud van deze wereld hebben we reeds beschreven hoe we succes kunnen verkrijgen in de fysieke wereld. Het kenmerk van onedel metaal is dat het glanst als men het poetst, maar uiteindelijk gaat het roesten door inwerking van de elementen Water, Vuur en Lucht en na een tijd volgt totale vernietiging. De kenmerken van goud zijn onvergankelijkheid, bewerkbaarheid en gietbaarheid in allerlei vormen. Goud representeert het goddelijke via de prachtige gele weerkaatsing van het zonlicht. Goud verliest nooit zijn pracht en waarde. Dit zijn ook de waarden van de gouden mens. We hebben het dan over het smalle pad naar verlichting en het verdienen van goud dat tot de hogere werelden behoort. De kennis van de elementen kunnen we gebruiken voor het formuleren van de juiste impulsen. We kunnen dus het alchemistische proces voor maken van goud van een andere wereld beschrijven. We halen daarom de eerder (in hoofdstuk 9.5) beschreven kubus erbij.

Figuur 17.2b De vier elementen in de kubus van de Enneasteen (JG)

We kijken nog even terug naar de manier waarop de vier elementen in de Enneasteen passen (Figuur 17.2b). De vier elementen vormen de ribben van de kubus die de Enneasteen omvat. Elk element heeft een hoger en een lager deel: de bovenkant en de onderkant van een rib. Op de punten van de kubus staan de Enneasteen punten 3), 6) en 9). Dit zijn de impulsen van het dalende octaaf. De punten 1), 2) en 8) vormden één facet van de Enneasteen dat hoort bij punt 9). De middeleeuwse symbolen van de elementen vormen ook facetten (figuur 10.5c). Zo konden we het juiste niveau van de elementen aan de facetten van de Enneasteen koppelen:

Hoge Lucht, laag Water, hoog Vuur, lage Aarde.

We zagen een hoge of goddelijke Luchtimpuls, en vervolgens wordt een lager ingrediënt Vuur ingebracht vanuit een voorgaand proces. Verder was er een fixatie via goddelijk Water nodig, en was het resultaat een lage Aarde. Ook de onedele mens, geregeerd door allerlei mechanische krachten, is het eindresultaat van dit proces. Nu gaan we de omgekeerde logica van een stijgend octaaf hanteren. Alles in het systeem draait om. Dit geldt ook voor het niveau van de vier elementen. We verkrijgen dan de nog niet gebruikte facetten van de Enneasteen:

Figuur 17.2c: Omgedraaide symboliek van de vier elementen (JG)

De betekenis hiervan is:

Hoge Aarde, laag Vuur, hoog Water, lage Lucht.

Het beeld van een zaadje dat in goede aarde valt, en na water en warmte van de Zon de lucht in groeit om dat te worden wat reeds in het zaadje was vastgelegd (net als een zalving relateert aan een toekomstig koningschap) is hier prachtig op te passen. In de kubus kunnen we eenvoudig de juiste facetten van de octaëder ontdekken (zie figuur 17.1d).

Figuur 17.2d: Impulsen en kosmische elementen bij stijgend octaaf (JG)

Als we hier de hoekpunten van de kubus (de impulsen) bij noteren dan verkrijgen we:

Impuls op D: hoge Aarde,

Impuls op G: laag Vuur,

Impuls op B: hoog Water,

Resultaat op E: lage Lucht.

Het systeem van de Enneasteen kent dus drie extra impulsen die bij het stijgende octaaf horen. We hadden vanuit het Enneagram al negen punten. Hierdoor hebben we totaal 9+3=12 punten. Als we het eindresultaat Aarde (dalend) en Lucht (stijgend) meetellen dan hebben we totaal 14 punten. Dat telt qua numerologie op tot 5, volgens de leer van Pythagoras het getal van wijsheid. Hier komt nog het middelpunt bij, dus hebben we 15 punten. Dat telt op naar 6. Volgens de getallenleer van Pythagoras staat dit voor orde geopenbaard, evenwicht tussen lichaam en geest, en de universele mens, geschapen naar het beeld van God!

Hoge Aarde

Hoge Aarde kunnen we vertalen naar de keuze voor een persoonlijke inspanning op de lijn 8-7. Deze impuls is een beslissende keuze vanuit punt D. Het is hoog omdat niet iedereen bewust op zoek gaat naar zijn of haar essentie. Uiteindelijk is die zoektocht onderdeel van het realiseren van het doel van die mens. De keuze beinvloedt de verdere keuzes die hij of zij zal maken.

Laag Vuur

Het werken dat vanuit “hoge Aarde” volgt levert een lage Vuur-impuls op vanuit het punt G, vergelijkbaar met punt 6) om op de lijn 5-4 te komen. Punt G trekt als het ware de lijn terug van 7) naar 5).  De aard van deze impuls is laag, dat wil zeggen dat dit een losweken van een eerdere kristallisatie is. Het duurt lang en er is volharding voor nodig. We kunnen het vergelijken met het ontroesten van onedel metaal. Dit is het Vuur van (zelf)kennis.

Hoog Water

De volgende stap is om van punt 4) op punt 2) te komen, dus omhoog. De energie hiervoor kan niet worden opgeleverd door de mens zelf, maar moet worden aangeleverd via “hoog Water” ofwel een doop. Dit staat symbool voor de voeding van de ziel door de scheppende kracht of Heilige Geest, die eerder de levenskracht gaf aan de wordende mens. In de Enneasteen voorziet punt B hierin als ingaande impuls. Het is de ziel van de mens die nu gevoed wordt in een Heilige doop, de ziel die bloot is gelegd door het afleggen van de onedele elementen, en alle energie kan nu rechtstreeks ernaartoe vloeien in plaats van opgaan in het energieverkwistende ego. 

Lage Lucht

De lage Lucht die nu ontstaat kan staan voor de geestelijke vermogens behorende bij één van de zeven hemelen, ze staat nog ver van de hoge impuls waar de schepping mee begon. Daarnaast kan ze staan voor verworvenheden van een andere wereld, als versnelling van de levensloop van de ziel in de vijfde dimensie. Via de Wet van Schaal weten we dat het proces zich nu weer kan herhalen. Ook deze keer in de omgekeerde richting maar met een andere startpositie op hoge Aarde. We kunnen echter ook terugvallen, en via een dalend octaaf terug bij af zijn of wellicht zelfs lager uitkomen. Terloops melden we nog eens dat dit alles perfect klopt met de posities die we hebben verkregen in de Enneasteen na het omkeringsproces. De juistheid van de structuur onthult een grootse schoonheid.

17.3         Het bekeerde “Onze Vader”

Nu we de aard van de impulsen kennen kunnen we kijken naar de tussenliggende processtappen via het externe procesmodel , met het scheppingsproces als basis. Hierin vormt het omgekeerde “Onze Vader” de formule voor de weg terug. Het pad start met (h)erkenning van God via de Wet van Drie die voort komt uit de eeuwigheid van Amen. Dan volgt verwerving van zelfinzicht. Ten slotte eindigt het pad als Zoon van God bij de Vader. Als we de impulsen vanuit de vorige paragraaf ook benoemen, dan krijgen we een verband tussen stappen, impulsen en verzen van het Onze Vader:

StapImpulsRegel uit “Onze Vader”
9, Dohoge AardeWant van U is het Koninkrijk (3), en de Kracht (9) en de Heerlijkheid (6) tot in Eeuwigheid (0). Amen.
8, Re Verlos ons van de boze en leidt ons niet in verzoeking
7, Mi Vergeef ons onze schulden gelijk ook wij vergeven onze schuldenaren
6laag VuurGeef ons heden ons dagelijks brood (Heerlijkheid)
5, Fa Gelijk in de hemel als ook op de aarde
4, Sol Uw wil geschiede
3hoog WaterUw koninkrijk kome (Koninkrijk)
2, La Uw Naam worde geheiligd
1, Si Die in de hemelen zijdt
0, Dolage LuchtOnze Vader (Kracht)

Tabel 17.3: Onze Vader volgens stijgend octaaf  (JG)

We kunnen deze volgorde vergelijken met tabel 17.1. Meteen valt op dat er een zekere samenhang bestaat. We zouden nu reeds de betekenis van de impulsen, het Onze Vader en de kenmerken van de Enneatypes kunnen hanteren voor het formuleren van het smalle pad. Maar voordat we dat doen kijken we eerst nog een stuk zorgvuldiger of we uit andere bronnen kunnen bevestigen dat de bekering van het octaaf in zijn algemeenheid juist is. Het gaat ten slotte om een belangwekkend onderwerp: de formulering van het smalle pad naar huis, de weg van de ziel terug naar God!

17.4         Evangelie van Maria Magdalena

In Gnostische geschriften uit de eerste eeuwen na Christus vinden we handreikingen die ons verder helpen om te controleren of het omdraaien van het procesmodel een juiste keuze is. Ondanks dat de Enneasteen duizenden jaren ouder is dan de periode waarin de Gnostische stroming populair was, kunnen we deze geschriften gebruiken als toets. In de Berlijnse Codex, een set van documenten dat veel samenhang vertoont met de vondst in 1945 bij Nag Hammadi, is een document opgenomen met de titel “Het Evangelie van Maria van Magdala”. Naar verluid stamt het uit de tweede eeuw na Christus. Het betreft een Gnostisch document dat leringen zou bevatten van Jezus Christus, verwoord door Maria van Magdala. Het onderwerp is de hemelreis die de ziel van Jezus doormaakt na zijn dood. Meerdere pagina’s zijn verloren gegaan, maar er is voldoende materiaal overgebleven om een beeld te krijgen van deze hemelreis. Er worden zeven stadia doorlopen, waarvan de tekst over het eerste en tweede stadium ontbreekt. Gelukkig worden als onderdeel van het vierde stadium alle stadia nog eens genoemd. Deze zijn als volgt (Slavenburg/Glaudemans[6], rechte haken toegevoegd):

“Toen de ziel zo de derde macht voorbijgekomen was, steeg ze verder omhoog en zag de vierde macht. Deze had zeven gedaanten:

[8] De eerste vorm is de duisternis.

[7] De tweede de begeerte.

[5] De derde de onwetenheid.

[4] De vierde is de prikkel van de dood.

[2] De vijfde is het koninkrijk van het vlees.

[1] De zesde is de domme wijsheid van het vlees.

[0] De zevende is de vertoornde wijsheid.

Dat zijn de zeven heerschappijen van de Toorn. Ze vroegen de ziel: ”Vanwaar kom je, moordenares, en waarheen ben je op weg, jij die de ruimte bedwong?” De ziel antwoordde en sprak: ”Wat mij bindt is gedood, en wat mij omringt is overwonnen. Mijn begeerte heeft opgehouden (te bestaan) en de onwetendheid is gestorven. In een wereld ben ik bevrijd uit een andere wereld en in een beeld door een beeld van boven; want de boeien der vergetelheid hebben een tijdelijke duur. Van dit ogenblik af zal ik de rust ontvangen, los van het tijdsverloop van de eon; in zwijgen.” Toen Maria dit had gezegd, zweeg ze, want tot zover had de Verlosser met haar gesproken.” 

Er volgt nog meer, maar dat is minder relevant voor onze toets. We zien eenvoudig de exacte overeenkomst met de Enneatypes en de stappen in het omgekeerde procesmodel. We zijn inmiddels wel gewend aan het feit dat dit allemaal klopt, maar hebben vooral veel aan de bevestiging van de volgorde, die start bij duisternis van de boze op 8) en eindigt in 0) bij Wijsheid. We volgen blijkbaar een pad dat in de tweede eeuw na Christus nog door velen als het juiste pad werd gezien.

17.5         De Tien Geboden als waarschuwing

Vanuit de Bijbel komt naast het Onze Vader nog een andere belangrijke tekst naar voren dat ons richting geeft op het smalle pad. Dit keer komt het uit het oudste deel van het Oude testament, Exodus, dat onderdeel is van de Pentateuch. De Tien Geboden blijken precies in de Enneasteen te passen en vormen zo een waarschuwing bij elke processtap. Onderstaande tabel geeft de relatie tussen de stappen en de geboden. De tabel geeft de omgekeerde volgorde van de geboden weer. Als we even wat moeite steken in het vergelijken van de beschrijvingen van de Enneatypes, de stadia in de schepping en de geboden dan merken we tot onze verbazing dat de match werkelijk perfect is. Als voorbeeld geldt dat de winnaar altijd bezig is met succesvol zijn en geen rust neemt. Het dood slaan bij de Wijze verwijst naar de afstandelijkheid van kennis alleen en het ontbreken van levendigheid. We vullen het geheel ter illustratie aan met de plagen die over Egypte woedden als opmaat van de uittocht van Mozes en het Joodse volk. Deze passen goed op de tien geboden. Verder passen ze op de uitdagingen die de mens tegen komt onderweg naar de hoogste hemel, met als ultieme uitdaging het loslaten van de fysieke wereld. Deze plagen staan echter in de oorspronkelijke volgorde!

StapGebodPlaagEnneatype
9, DoNiet begeren andermans bezitSterven eerstgeboreneBemiddelaar
8, ReGeen valse getuigenisWater in bloed veranderdBaas
7, MiNiet stelenKikvorsenCharmeur
6Niet echtbrekenMuggenLoyalist
5, FaNiet doodslaanSteekvliegenWijze
4, SolEer Uw vader en Uw moederVeepest (koorts)Romanticus
3Sabbat als rustdag: niet werkenZwerenWinnaar
2, LaNaam God niet ijdel gebruikenHagelbuiHelper
1, SiGeen gesneden beeld makenSprinkhanenzwermPerfectionist
0, DoGeen andere goden dienenDuisternis (tegenover licht) 

Tabel 17.5: De Tien Geboden en de plagen over Farao

De betekenis van de Tien Geboden kunnen we door de plaatsing in de Enneasteen proberen scherper te duiden. We doen dit in hoofdstuk 18. De sprinkhanen komen we ook nog tegen in de volgende paragraaf, als we een van de Profeten onderzoeken. Het feit dat de plagen in de oorspronkelijke volgorde staan en de tien geboden bekeerd zijn bevestigt het beeld dat de omkering juist is. De geboden komen van God, en de plagen starten bij de aarde.

17.6         Profeten uit het Oude Testament

In het Oude Testament vinden we de Profeet Nahum. Zijn boek handelt over de ondergang van de stad Nineve, hoofdstad van het Assyrische rijk. Het komt uit de periode tussen de val van No-Amon in Egypte (664 v. Chr) en de val van Nineve (612 v. Chr). Zijn naam betekent trooster of eenwording van man en vrouw. Dit staat in verband met zijn profetie, die precies volgens de bekeerde volgorde van het octaaf verloopt. In het boek spelen de vier elementen een belangrijke rol. De ondergang van de stad Nineve staat voor het ten onder gaan van de krachten die ons scheiden van God.

StapElementHerkenningspunten Nahum 1 tot 3:19
9, DoLuchtDe Here, Kracht, wervelwind, toorn (Zeus/Hera)
8, ReWaterDronkemansaard, sterkte, schuilen, overstromende vloed (Dionysus)
7, MiVuurVuurglans, strijd, roof, leeuwen, verstrooiër, plunderaar, helden, feesten (Ares)
5, FaWaterZwaarden, doden, leugen, georganiseerde strijd (Athene)
4, SolVuurHoererij, verleidelijke schoonheid,  toverijen, schaamte  (Hephaistos)
2, LaWaterGevangenschap, ijdelheid, vroegrijpe vruchten, zuigelingen (Aphrodite)
1, SiVuurTreksprinkhanen (zie plagen), koude dagen (aspect koud), opkomende zonlicht
9, DoAardeKoning van Assur, slapende herders, stilzittende leiders, bergen (Hera)

   Tabel 17.6a: Herkenningspunten bij Nahum 1-3

Verassend is dat de visioenen van de Profeet Zacharia zowel in de normale als de omgekeerde volgorde van de binnenlijnen te plaatsen zijn. Punten 4)/8) en 1)/5) vormen net als in de Enneasteen paren. Vers 3:9 noemt een Steen met zeven ogen.

Gezicht of visioenNrHerkenningspunten normaalNrHerkenningspunten omgekeerd
De ruiters2Woord, prediking, troosten2Woord, prediking, troosten
Horens en smeden4‘Hephaistos’ (smid)8‘Dionysus’ (horens), neer slaan
Man met meetsnoer1beeld van Jeruzalem5Jongeling met meetsnoer
God te midden van zijn volk7Oogappel, uitgeplunderd , wonen bij de dochter van Babel7Oogappel, uitgeplunderd , wonen bij de dochter van Babel
Jozua gerechtvaardigd5Aanklagen, hogepriester1Nieuwe kleding, wegnemen ongerechtigheid
Kandelaar en twee olijfbomen8‘Niet door kracht noch door geweld….’, ogen des Heren4Zicht op het gehele systeem, ‘….maar door mijn Geest.’
Vliegende boekrol220 el, vloek, vals zweren, boekrol220 el, vloek, vals zweren, boekrol
Vrouw in de efa4Loden kist, vleugels8goddeloosheid
Vier wagens1Bergen, windstreken des hemels5Noorderland (Vuur, Geest)

Tabel 17.6b: Herkenningspunten bij Zacharia 1-6:8

17.7         De zeven treden van Augustinus

De kerkvader Augustinus leefde van 354 tot 430 na Christus in Noord Afrika, tijdens de nadagen van het Romeinse rijk [33]. Tijdens zijn jeugd is hij Christelijk opgevoed, maar hij kon zich niet verzoenen met tegenstrijdigheden die hij in het Oude Testament vond en worstelde met de oorsprong van het kwaad. Na jarenlang aanhanger geweest te zijn van de dualistische leer van Mani, waarin een goede en een slechte macht met elkaar strijden, heeft hij zich in een meer allegorische uitleg van het Oude Testament verdiept. De filosofie van Plato zet hem op het spoor van een nieuw begrip van de oorsprong van het kwaad en een vernieuwd Godsbegrip. Uiteindelijk bekeert hij zich op spectaculaire wijze tot het Christendom. Zijn beroemdste boek “Belijdenissen” geeft weer wat er in hem omging en heeft door de eeuwen heen een grote stempel gedrukt op het Christendom. Hij is op 42 jarige leeftijd Bisschop geworden van Hippo Regius. In het geschrift “De Doctrine Christiana” boek II 9-11b beschrijft hij zeven stappen naar de hemel. Zijn stappen zijn als volgt (met tussen haken de corresponderende punten in de Enneasteen):

1 [8]        Vreze Gods Wijsheid

2 [7]        Vroomheid en zonde

3 [5]        Kennis

4 [4]        Gerechtigheid

5 [2]        Barmhartigheid

6 [1]        Zuiver oog, sterven voor de wereld

7 [0]        Zoon, Wijsheid

“Want de vreeze des Heeren is het begin der Wijsheid [Ps 111,10]. Van de vrees nu streeft men en komt men tot die Wijsheid langs deze trappen.”

We zien dat de treden van de trap van Augustinus volgens de omgekeerde volgorde van de Enneasteen omhoog lopen. De punten 3, 6 en 9 ontbreken. Augustinus refereert ook in andere documenten aan dezelfde opbouw.                                     

  Figuur 17.7: Augustinus

17.8         Corpus Hermeticum

In de Corpus Hermeticum vinden we een hemelreis met de volgorde 8-7-5-4-2-1-0. Deze tekst is niet Christelijk en betreft een gesprek tussen Hermes Trismegistus en de Geest. Allereerst wordt een alternatieve uitleg van de hemelreis van de ziel gegeven, waarna de ladder van de vijfde naar de zesde dimensie volgt. Tot slot volgt een toelichting op de zesde dimensie[6]. Overigens lijkt een volgorde volgens de normale binnenlijn voor deze tekst ook te passen. Het eindstadium is het achterlaten van de leugen, dus de verwerving van de Waarheid. Deze Waarheid is niet van de mens (arm van geest) maar van God. De tekst luidt als volgt:

“Allereerst geef je bij de ontbinding van het stoffelijke lichaam het lichaam zelf over aan de verandering, en het uiterlijk dat je hebt wordt onzichtbaar, en je persoonlijkheid, die geen uitstraling meer heeft, geef je over aan de demon. En de zintuigen van het lichaam gaan terug naar hun eigen bronnen, gaan daar weer deel uitmaken van en voegen zich weer bij de werking daarvan. En de drift en de begeerte keren terug naar de redeloze natuur. En zo begeeft zich de mens dan omhoog door het samenstel der sferen:

[8] aan de eerste sfeer geeft hij zijn vermogen tot groei en vermindering,

[7] aan de tweede het instrument van het slechte, de nu effectloze listigheid,

[5] aan de derde het onmachtig geworden bedrog van de begeerte,

[4] aan de vierde het uiterlijk vertoon van de heerschappij, nu zonder hebzucht,

[2] aan de vijfde de goddeloze overmoed van de onbezonnen doldriestheid,

[1] aan de zesde de boze aandriften van de rijkdom, die nu geen invloed meer geeft,

[0] en aan de zevende sfeer de leugen die valstrikken spant.

En dan komt de mens, ontdaan van astrale invloeden, in de achtste sfeer, slechts in het bezit van zijn eigenlijke zelf, en samen met de geestelijke wezens bezingt hij de vader. En alle aanwezigen verheugen zich over zijn aankomst, en als hij dan aan zijn metgezellen gelijk geworden is, hoort hij ook hoe bepaalde machten boven de achtste sfeer met zoete stem God bezingen. En dan stijgen zij in rangorde naar de Vader, geven zichzelf over aan de machten en, zelf machten geworden, komen zij in God. Dat is de gelukkige voleinding voor het die de gnosis bezitten: God te worden!”

  Figuur 17.8: Oude vertaling

En dan komt de mens, ontdaan van astrale invloeden, in de achtste sfeer, slechts in het bezit van zijn eigenlijke zelf, en samen met de geestelijke wezens bezingt hij de vader. En alle aanwezigen verheugen zich over zijn aankomst, en als hij dan aan zijn metgezellen gelijk geworden is, hoort hij ook hoe bepaalde machten boven de achtste sfeer met zoete stem God bezingen. En dan stijgen zij in rangorde naar de Vader, geven zichzelf over aan de machten en, zelf machten geworden, komen zij in God. Dat is de gelukkige voleinding voor het die de gnosis bezitten: God te worden!”

17.9         De ontcijfering van het Egyptische Dodenboek

Omdat teksten als het Corpus Hermeticum meerdere mogelijkheden geven is een onderzoek naar de oudste bronnen de moeite waard. De aanwijzingen uit de Bijbel, de Berlijnse codex, de Nagh Hammadi en de Alchemie helpen ons om de oudste documenten die we in het kader van de Enneasteen hebben te ontcijferen. Het patroon van de Enneasteen is reeds in een geschrift van Ptah Hotep te vinden (ca 2400 v. Chr), en in hoofdstuk 9.6 hebben we het Gilgemesh epos bekeken. Maar het Egyptische Dodenboek levert de beste informatie op. Dit boek blijkt, het is geen verassing meer, geheel te bestaan uit toelichtingen op de systematiek van de Enneasteen. We bekijken een tweetal versies, een van de klerk Hoenefer en een van Farao Ani (Ani is Hebreeuws voor IK BEN). Een derde, die van Anhai, levert exact de zelfde conclusies als die van Hoenefer. De beschijving van de ontcijfering van het Egyptische Dodenboek is volledig in dit hoofdstuk opgenomen. Ze vormt de kern van de historische authenticiteit van de Enneasteen. Op deze manier kunt u zelf alle stappen in de ontdekkingstocht naar de Enneasteen toetsen.

Ontcijfering van de Papyrus van Ani

De Papyrus van Ani, die iets ouder is dan die van Hoenefer, 1420 v. Chr, is ca 23 meter lang. Wat we halverwege de papyrus zien is een cartouche met declaratie van tien pylonen ofwel huizen en zeven poorten. De tien pylonen blijken een opsomming te zijn van de tien punten in de Enneasteen in de volgorde 0-1-2-3-4-5-6-7-8-9.

Figuur 17.9.a: Details uit Egyptische Dodenboek Ani: punten 0 tm 9

De afbeelding toont de oorspronkelijke volgorde. De eerste pyloon is zoals het origineel groter afgebeeld. Verder valt op dat de verschillende pylonen mensen of dieren afbeelden. Boven de figuren zijn verschillende symbolen te zien. Zo hebben de pylonen van punt 1), 5) en 9) een slang als symbool voor kennis en wijsheid. De slang van punt 1) heeft 4 kronkels (wat de verbondenheid met punt 4) kan uitdrukken) en de slang van punt 5) heeft 5 kronkels. Pyloon 9) heeft zelfs twee slangen. De tien pylonen hebben de volgende afbeeldingen:

0: Ibis (vogel)

1: Panter (Tefnu)

2: Mens (Neith)

3: Koe (vee)

4: Panter (Tefnu)

5: Mens

6: Ram (vee)

7: Vogel (Ba) met Ankh (levenskracht) en kroon van Osiris

8: Leeuw met Maanschijf en 8 slangen

9: Ram (vee)

We zien bij punten 0) tot 6) tweemaal dezelfde volgorde: vogel, Panter, mens en vee. Die symbolen zijn we eerder tegengekomen en staan voor Lucht-Water-Vuur-Aarde. Pyloon 3) ofwel Aarde heeft volgens de Enneasteen tevens de betekenis Lucht van het volgende niveau. Dit is te zien in de onderstaande figuur. We bespraken deze figuur in hoofdstuk 11.1.

Figuur 17.9.1b: De vier elementen als werkwoorden (JG)

In figuur 17.9.1c zien we nog eens de pylonen 6) tot en met 8). Punt 6) is Aarde (vee) en Lucht van het volgende niveau. Dus zou pyloon 7) aan Water moeten refereren. Maar 7) is een vogel (Lucht). Punt 7) lijkt dus op het eerste gezicht onjuist. We bekijken dit punt daarom wat beter.

Bij pyloon 7) blijkt de vogel een Havik. Net als bij een van de Horus zonen staat deze voor Water en niet voor Lucht. De Havik blijkt een kroon van Osiris te dragen. Eerder hebben we Osiris reeds aan punt 7) gekoppeld. Verder wordt het Ankh kruis afgebeeld. Dit symbool stelt leven voor (levenswater). De vogel drukt hier de vrijheid uit, een aspect dat bij uitstek bij Enneatype 7) thuis hoort.

Figuur 17.9c: Detail uit Egyptische Dodenboek Ani: punten 6 tm 8

Pyloon 8) toont een leeuw (Vuur) met op het hoofd de Maan. Boven de afbeelding is een achttal slangen afgebeeld dat correct naar punt 8) verwijst. Op 8 plaatsten we eerder de Maan.

Pyloon 9) is een gekroonde Ram. Ram heeft een bijzondere relatie met de Bijbelse Abraham die van God eerst zijn eigen(-aarschap van zijn) zoon Izak moest offeren maar in plaats daarvan een Ram mocht offeren. Ram is vee en dus Aarde (en Lucht van een hoger octaaf). Zo blijkt dus ook bij de punten 6-7-8-9 de volgorde Aarde/Lucht-Vuur-Water-Aarde/Lucht te zijn. We kunnen een belangrijke conclusie trekken:

# ‎17‑2 De tien pylonen in het Egyptische Dodenboek van Ani vormen een exacte weergave van de tien punten in de Enneasteen (volgens de externe bekeerde volgorde).

De kennis rond de volgorde van de elementen kon dankbaar worden gebruikt om via de tien pylonen de hele opzet van de papyrus te ontcijferen. Op een andere plek in de papyrus, waar volgens het stijgende octaaf punt 8) zou moeten volgen, bleek inderdaad een panter een belangrijke plaats in te nemen via een priester gekleed in een pantervel. De priester begeleidt de Farao naar een volgende fase. De declaratie van de pylonen blijkt onderdeel te zijn van processtap 5), als bewijs van wijsheid. In de papyrus blijkt de reeks die de Farao doorloopt te starten op 8) met een loflied op Re. Driemaal achter elkaar wordt een omgekeerd procesmodel doorlopen. Dit wordt steeds rijk geïllustreerd, en eindigt in het Egyptische paradijs. We krijgen dus drie reeksen (met cartouche nummering volgens Rossiter [12]):

Start bij cartouche 1:              (8)-2-4-1-7-5-8

Vervolg cartouche 19:            2-4-1-7-5-8

Vervolg cartouche 34:            2-4-1-7-5-8

En tot slot eindiging bij cartouche 62 met 2-4

Het Dodenboek van Ani eindigt met een tekst waarin Ani zijn vertrouwen uit in het vervolg van zijn reis omdat hij inmiddels de woorden van macht bezit. Dan speekt hij over een beeldje dat als taak heeft in de godenwereld alle arbeid te verrichten. Alle hindernissen zijn voor dit beeldje weggenomen. Vervolgens claimt hij de geheime namen te dragen en zo gelijk gesteld te zijn aan de goden. Dan spreidt hij zijn kennis van de godenwereld ten toon. Een mooi detail van het laatste vignet vormt een lotusbloem waar eerder de vier Horuszonen op stonden als verwijzing naar de vier elementen van de Tetractrys. Deze ligt hierbij zonder wortels opgebaard. Dit is de apotheose van het gehele proces. We kunnen de volgende conclusie trekken:

# ‎17‑3 Het Egyptische Dodenboek van Ani is een uitdrukking van de interne architectuur van de Enneasteen en wordt driemaal (in bekeerde volgorde) doorlopen.

Om het geheel wat beter controleerbaar te maken moeten we dieper in gaan op de cartouches en de bijbehorende interne reeks 8-2-4-1-7-5 van de Enneasteen. Omdat deze papyrus erg lang is richten we ons voor de tussenliggende cartouches op de kortere papyrus van Hoenefer.

Ontcijfering van de Papyrus van Hoenefer

De versie van de klerk Hoenefer, 5,7 meter lang, doorloopt maar één keer de interne reeks 8-2-4-1-7-5. Deze werken we hier iets verder uit. De papyrus start op 8) via een afbeelding waarin een aantal Luchtgeesten van de dageraad worden aanbeden (bavianen, zie ook figuur 15.5.4) en een Djed-zuil wordt afgebeeld. Dan volgt 2) via het openen van de mond van de mummie en een loflied. Nu 4) met de weging van het hart “Ba” (zie hoofdstuk 7.3).                      

Figuur 17.9d: Ba

De Enneasteen heeft tussen de punten 4) en 1) de sterrenbeelden Tweeling en Stier. Deze sterrenbeelden vinden we terug in het vervolg op de weging van het hart. Ani vereert eerst de tweelingzussen Isis en Hephtys (Tweeling). Dan worden Horus en zeven kisten met beschermers van Osiris afgebeeld. Iedere beschermer draagt een mes. Osiris werd volgens de legende door Seth vermoord en later in 14 stukken gesneden. Dit is verbonden met de 14 Ka’s (zie hoofdstuk 7.4). Isis zorgde ervoor dat Osiris weer samengevoegd werd en tot leven kon komen. Isis wordt hiervoor gestraft door Horus, die haar hoofd afhakt. Ze wordt gered door Toth, die haar een stierenkop geeft. We zijn dus bij sterrenbeeld Stier aangeland. Verderop wordt de theologische kennis van Hoenefer getoetst op 1). Hij moet uitleggen wat de namen zijn van alle goden. Na deze toets knielt Hoenefer voor vijf goden met de kop van een Ram en doodt een kat een slang. De slang is later vaak verwisseld met de vis, onder andere in het beeld van de zeemeermin. De slang symboliseert kennis en is de vijand van Re, de zonnegod (vergelijk de slang uit Genesis). Eerder plaatsten we op 9) de Zon. En inderdaad, in de Enneasteen staan tussen punt 1) en 7) de sterrenbeelden Ram en Vissen. En de lijn tussen 1) en 7) wordt verbonden door 9).

 Figuur 17.9e: Kat doodt slang

Hierna volgt een zeer uitgebreide verklaring van onschuld, passend op punt 7) waar we eerder “vergeef ons onze schulden” plaatsten. Maar er is geen vervolg na punt 7). Ofwel de (overigens ten opzichte van de versie van Ani erg korte) papyrus is incompleet, ofwel de belangrijkste stappen zijn gezet bij het doorlopen van 8-2-4-1-7. Ook de papyrus van Anhai stopt hier. Alleen het externe proces van 8) naar 7) wordt dus weergegeven. In elk geval komt de volgorde overeen met die van de Nagh Hammadi.

Verklaring van Onschuld

De verklaring van onschuld die bij punt 7) wordt gegeven is erg interessant om wat beter te bekijken. Ze komt in elke versie van het Dodenboek voor. Hierbij zijn er wel kleine verschillen tussen de versies, deels veroorzaakt door vertaling maar vooral vanwege verschillen in de originelen. De hoofdlijn is echter steeds hetzelfde. De versie van Hoenefer nemen we hier als uitgangspunt. De totale verklaring begint met een inleiding waarin 42 verklaringen van onschuld worden genoemd. Deze zijn gegroepeerd volgens de volgorde 1-4-2-8-5-7. Deze reeks van zes punten volgens de interne volgorde van de Enneasteen wordt één maal doorlopen, dus per punt volgen meerdere verklaringen. Dan volgt de hoofdverklaring, ook weer bestaande uit 42 verklaringen van onschuld. Hierbij wordt steeds de naam van een godheid gegeven, gevolgd door de verklaring. De hoofdverklaring doorloopt zeven maal de reeks van zes punten. Hierbij wordt steeds schijnbaar willekeurig bij een punt gestart, en verandert de draairichting.  In bijlage 7 zijn de 42 verklaringen van onschuld opgenomen volgens de oorspronkelijke volgorde in de papyrus en ter vergelijk gesorteerd volgens de punten van de Enneasteen. Voor de herkenbaarheid zijn de reeksen met kleuren en grijstinten gemarkeerd. Slechts enkele verklaringen zijn niet eenduidig toe te wijzen aan een punt in de Enneasteen.

Als we de inleiding en de hoofdverklaring optellen dan verkrijgen we een totaal van 84 verklaringen van onschuld, verdeeld over zes reeksen. De aantallen 42 en 84 hebben hun weerklank in de Bijbel. In het Nieuwe Testament lezen we bijvoorbeeld dat naast de 12 discipelen er 72 geroepenen waren waarvan de namen opgetekend waren in de hemel (Lucas 10:17-20). Dat zijn er dus totaal 84. Lucas vermeldt ook de weduwe Hanna. Ze is al 84 jaar zonder haar bruidegom, waar ze 7 jaar mee heeft geleefd. Als we 84 delen door 12 dan krijgen we zeven. Het aantal keer dat de twaalf leerlingen hun schuldenaren dienen te vergeven is volgens Lucas elke dag 7 maal. Verder is verassend dat Jezus Christus de 42e koning van Israël was. In het Oude Testament vinden we ook aanknopingspunten. Numeri 35 vermeldt dat Israël een aantal steden aan de Levieten moet overhandigen:

“Wat nu de steden betreft die u aan de Levieten moet geven, zes daarvan moeten de vrijsteden zijn, die u moet geven zodat degene die een doodslag begaan heeft, daarheen zou kunnen vluchten; bovendien moet u hun nog tweeënveertig steden geven.”

Interpretatie

Eerder zagen we bij het bekeerde Onze Vader dat de eerste stadia vooral over “ons” gaan, en de anderen over God. De vraag is nu, of we maar één keer het interne procesmodel moeten doorlopen, zoals bij Hoenefer en Anhai, of dat we dit altijd drie maal moeten doen zoals bij Ani. Voor het antwoord kunnen we de kennis rond het maken van aards goud gebruiken. Voor elke stap in het externe procesmodel doorlopen we een deel van het interne procesmodel. Dus een overgang van 2 naar 1 loopt via 4. Als we volgens de logica van het dalende octaaf ook het stijgende octaaf uitschrijven dan krijgen we een aantal reeksen conform Ani:

9 naar 8 (hemel 1): start

8 naar 7 (hemel 2): 8-2-4-1-7

7 naar 5 (hemel 3): 7-5

5 naar 4 (hemel 4): 5-8-2-4

4 naar 2 (hemel 5): 4-1-7-5-8-2

2 naar 1 (hemel 6): 2-4-1

1 naar 0 (hemel 7)

De papyrus van Anhai en Hoenefer geven maar één ronde, én vermelden géén eindstadium in de zevende hemel. Het proces is nog niet klaar. Hiermee wordt het systeem van Ani bevestigd. De eerste ronde resulteert in de derde hemel. Dit is de hemel (of in de taal van Psalm 84 de voorhof) waar Paulus in kwam door het behoud van zijn geloof. We mogen dus aannemen dat we drie maal de interne procesreeks doorlopen om in de zevende hemel te komen. De recentere versies van Hoenefer en Anhai zijn blijkbaar een verkorte vorm. Dit wordt in de structuur van het Evangelie van Johannes bevestigd (zie hoofdstuk 15.7). Ook Jacob moet drie rondes van twee maal zeven plus zes jaar werken voor zijn schoonvader voordat hij terug kan keren naar zijn broer Ezau. De perspectieven die de geschiften kiezen op de Enneasteen zijn als volgt:

1) Externe eindstadia: Het Evangelie van Maria Magdalena beschijft de externe poorten waarlangs de ziel reist.

2) Het smalle pad: Het Egyptische dodenboek van Ani beschijft het overkoepelende systeem volgens het externe proces inclusief al de interne tussenstappen van het proces. 

Alle bronnen bevestigen elkaar. Er is daarom geen reden af te wijken van de logica van de Enneasteen en het driemaal doorlopen van het interne proces. Volgens de omgekeerde volgorde. In hoofdstuk 18 gaan we uitgebreid in op de toepassing van deze inzichten.