7 De bronnen van Pythagoras

Pythagoras heeft volgens de overlevering het grootste deel van zijn kennis opgedaan tijdens jarenlange studie in Egypte en Babylon. Pythagoras bestudeerde de geheime mysteriën, de wiskunde en de astronomie van de oude Egyptenaren. Dat zij daar ver in ontwikkeld waren blijkt uit hun kennis van geometrie die gebruikt werd bij hun architectuur. Maar hun kennis is grotendeels verloren gegaan, of verstopt onder vele lagen van nu grotendeels onbegrijpbare symboliek. Daarom komt de leer van Pythagoras van pas: zijn Tetractys vormt de sleutel tot het juiste begrip van de Egyptische godenwereld.

Het Egyptische Dodenboek is een van de oudste bronnen waarin de Enneasteen helder te vinden is. Een van de vroegste nu bekende Dodenboeken kan gevonden worden op de muren van de piramide van Oenas in Saqquara uit ongeveer 2350 voor Christus. Door een groter begrip van de bronnen van Pythagoras komen de wortels van de westerse filosofie plots in een geheel nieuw daglicht te staan. Door opnieuw naar de Griekse godenwereld te kijken ontdekken we dat Pythagoras ook in het westen helemaal niet zo’n vernieuwer was. Hij was veel meer een reformator, die de filosofische grondslag van de Griekse mythologie opnieuw formuleerde.

7.1         Egyptische wiskunde

Pythagoras leerde “zijn” Wetten grotendeels in Egypte. De Egyptenaren gebruikten een driehoekige lineaal om nauwkeurige tekeningen te maken. De driehoek van Pythagoras is daarvan afkomstig. De Piramide van Chefren maakt gebruik van de zogenaamde Heilige driehoek, waarbij de zijden de verhoudingen 3:4:5 hebben. Daarnaast kenden ze de Gulden Snede, met als symbool Ф (Phi), een verhouding die overal terugkomt in de natuur en kunst en volgens Herodotus al terug te vinden is in de Piramide van Gizeh. De wiskundige taal om Ф uit te drukken was toen nog niet ontwikkeld.  De Gulden Snede is een verbinding tussen het Enneagram dat alleen rationele getallen gebruikt, de driehoek van Pythagoras en de vaak door niet rationele getallen geregeerde natuur. Pythagoras experimenteerde wel met irrationele getallen maar de Gulden Snede is niet terug te vinden in geschriften van hem. Zijn navolger Plato formuleerde de Gulden Snede in ongeveer 360 v.Chr en deze klinkt ondanks de eenvoudige taal nog steeds complex:

“Neem drie getallen of massa’s of krachten (A, B en C). Wanneer nu het middelste (B) staat tot het laatste (C) zoals het eerste (A) tot het middelste (B), en omgekeerd, als het middelste (B) staat tot het eerste (A), zoals het laatste (C) tot het middelste (B), dan zal, wanneer het middelste (B) eerste en laatste wordt, terwijl het eerste (A) en het laatste (C) beide op hun beurt middeltermen worden, alles onvermijdelijk eender blijven; en, daar ze onderling eender blijven, zullen ze ook alle één zijn.”

Omdat onze aandacht in bovenstaande tekst vooral getrokken wordt door de verhoudingen zien we niet meteen dat de uitleg begint met het noemen van getallen of massa’s of krachten. Als we deze uitspraak lezen vanuit de filosofie van Pythagoras dan staat er dat informatie gelijk is aan energie gelijk aan massa. Dit is nu een uiterst modern standpunt! Pas rond 1200 na Christus formuleerde Fabionacci de Gulden Snede wiskundig. Onderstaande figuur toont een Pentagram. Deze stervorm is opgebouwd uit lijnen die zich tot elkaar verhouden als Ф. De pythagoreërs gebruikten dit als heilig symbool.

Figuur 7.1a: Gulden Snede en het Pentagram
Figuur 7.1b: Wet van Pythagoras en Gulden Snede in Piramide van Cheops

7.2        Egyptische astronomie

De Egyptenaren hadden een fantastische kennis van de astronomie. De Piramiden van Gizeh zijn exact uitgelijnd op de noord-zuid lijn, iets dat de moderne wetenschap nog steeds verbaast omdat dit nauwkeurige waarnemingen vereist. De afwijking is slechts 3 minuten en 6 seconden. Men gebruikte vermoedelijk de positie van de poolster, destijds Alpha Draconis [30] . De hoogte van de Grote Piramide blijkt vrijwel exact de afstand tussen de Zon en de Aarde gedeeld door een miljard. De twaalf Zodiac tekens van de dierenriem (sterrebeelden) die we nu nog steeds kennen van de astrologie zijn concreet te vinden in diverse tempels. Zo is de prachtige afbeelding van figuur 7.2a afkomstig uit Dendera uit de tijd van de Ptolemeën (periode tussen Alexander de Grote en de Romeinse tijd). Veel wetenschappers (5!) menen overigens dat de Astrologie pas tijdens de periode van de Ptolemeën in Egypte terecht kwam, maar de gehele geschiedenis door speelden de twaalf sterrenbeelden een rol in het Egyptische geloof. Dit is bijvoorbeeld prachtig herkenbaar in de veel oudere cultus van de Heilige Apis Stier waarbij tijdens processies diverse sterrenbeelden werden uitgebeeld. Precies volgens de volgorde van de Zodiac. Hoe het ook zei, in elk geval waren volgens weer andere wetenschappers rond 700 v. Chr de Assyriers flink in de Astronomie bedreven, en die heersten destijds zelfs over Israël én Egypte.


      Figuur 7.2a: Egyptische hemel met dierenriem, Dendera (Louvre, Parijs)

Figuur 7.2b: Atlas uit 1917

7.3 De Egyptische scheppingsmythe

De oude Egyptenaren kenden vele goden. Hun godenwereld staat echter minder ver van ons vandaan dan we vaak denken. Diverse geleerden geven aan dat de vele goden net als in het Hindoeïsme verschillende weergaven of aspecten zijn van de Ene God. De Tetractys is een basis voor het herdefiniëren van de onderlinge relaties tussen de vele goden. Ze blijken vertegenwoordigers te zijn van de diverse posities in de Tetractys en zoals later nog zal blijken de Enneasteen. Verder blijken ze een directe relatie te hebben met de binnenlijnen van de Enneasteen en de Zodiac. Hier beperken we ons nog even tot de relatie tussen de Egyptische goden (op te vatten als krachten en machten) en de Tetractys. In het oude Egypte bestonden verschillende religieuze centra, met elk een eigen systeem van goden. Die systemen volgden uit verschillende lokaal gehanteerde scheppingsmythes. Hieronder introduceren we kort de belangrijkste spelers uit het religieuze centrum Heliopolis [12][29][31][32][46] .

Atum-Re of Amen: Schepper-God, gaat vooraf aan alle andere goden. Veelal geassocieerd aan de Zon. Vaak afgebeeld als een oerslang (wijsheid).

Shu: Droge lucht

Tefnu: Vochtige lucht, schaduw

Geb: Aarde

Nut: Hemelgodin

Duat: Onderwereld

Osiris: Rechter over de doden, koning van Egypte, god van de Nijl en eeuwige cyclus

Isis: Zus en echtgenote van Osiris, beschermer. Ook wel Isis-Hathor.

Seth: Broer en tegenstander van Isis. God over de chaotische krachten en het kwaad.  

Nephtys: Echtgenote en zus van Seth

Anoebis: Waker van de doden. Zoon van de Koning. Afgebeeld als een jakhals. Hij droeg de titels “hij die op een berg woont” en “voorganger van de westerlingen”.

Djehoety (Toth): God van de wijsheid en het schrift. Afgebeeld als baviaan of ibis.

Sekhmet: Godin van oorlog, ziekte en vergelding. Vorm van Hathor. Verbonden met Ammit, de verslinder van het kwaad en de doden. Afgebeeld als leeuw.

Horus: Zoon van Osiris en Isis. Heerser van beneden-Egypte afgebeeld als Valk (geest).

Horus had vier zonen (lagere goden) die verbonden zijn met een godin:

– Amset: zuid/voeteneinde, man, godin Isis (Stier);

– Doeamoetef: oost, jakhals, godin Neith (mens, bron van wetenschap, ‘al wat was, is en zal zijn’);   

– Kebehsemoef: west, havik, godin Selket (Schorpioen, tovenares, genezeres);

– Hapi: noorden/hoofdeinde, baviaan, godin Nephtys (Valk, ‘vrouwe van het huis’).

In de scheppingsmythe van Heliopolis komt vanuit de oerwateren (chaos) een berg tevoorschijn. Hierop staat een troon waarop Atum zit. Atum gaat zelfstandig (want Atum heeft geen echtgenoot) over tot scheppen van Shu, de representant van Lucht, en Tefnut, de representant van vocht. Sommige versies spreken van Shu als vader en Tefnut als schaduw. Shu en Tefnut brengen Geb voort, als representant van de Aarde, en Nut, als representant van de nachtelijke hemel.                                                             

  Figuur 7.3a: Nut en Geb

Nut wordt weergegeven via een mens met een slangenkop (figuur 7.3a). De slang wordt veelal gebruikt als symbool voor kennis. Dan zorgt Shu voor het scheiden van de hemel en de Aarde. Het woord hiervoor is Maät ofwel kosmische orde. Nut neemt dan haar positie in aan de hemel. We hebben nu de tweeheid van de Tetractys verkregen. Geb en Nut krijgen de zonen Osiris en Seth en de dochters Isis en Nephthys. Ze vormen koppels. Seth en Nephthys staan samen buiten de orde van de tijd en zijn onvruchtbaar. Ze vormen als het ware een soort dood punt in het geheel. Zo verkrijgen we de drieheid. Dit geheel vormt de Enneade van Heliopolis. Osiris en Isis hebben als aanvulling hierop volgens sommige versies van de mythe nog vóór hun eigen geboorte een zoon, Horus. Dit duidt op een gelijktijdigheid in ontstaan van de diverse goden in één scheppingsdaad.  Horus heeft vier zonen. Ze worden vaak afgebeeld in het Dodenboek, de beroemde religieuze literatuur van het oude Egypte.

Het Dodenboek bevat een beschrijving van de verschillende stadia van de Farao op zijn reis naar het eeuwige leven. Afbeelding 7.3b is een detail uit een papyrus van het Dodenboek van de klerk Hoenefer, (ca 1300 v. Chr.) [12][41]. In de afbeelding is Osiris weergegeven, zittend op een troon. Maar het gaat nu even niet om Osiris. Uit de troon vóór Osiris komt een Lotusbloem. Het Lotussymbool is overal in het oude Egypte te vinden. Vier lagere goden staan op drie bloembladen. De Lotus wordt geflankeerd door twee groene bladeren. Het geheel komt voort uit een prominent weergegeven kiem. Samen vormen ze de Tetractys: 1+2+3+4=10. De Egyptenaren hebben in het Dodenboek een rijke documentatie achtergelaten over het leven na de dood. De Egyptische naam voor het boek is “boek van het heengaan overdag”. De oudste exemplaren die op papyrus zijn gezet gaan terug tot 1600 voor Christus. Ze zijn gebaseerd op nog oudere teksten op sarcofagen en beschilderingen in de piramides uit het Oude Rijk. De piramide van Oenas uit 2345 voor Christus bevat een van de vroegste voorbeelden. Maar er is volgens diverse historici rond 3300 voor Christus al sprake van een koning met de titel Hor Iry, ofwel “Behorend aan Horus”, waarmee het totale systeem dus nog ouder kan zijn. Er zijn zelfs speculaties over nog vroegere datering.                                                                                                                                                    

Figuur 7.3b:Lotussymbool

De Horuszonen hadden elk een eigen uiterlijk en verwezen naar de vier elementen en de vier windrichtingen. Amset wordt afgebeeld als een man (Aarde), Doeamoetef als een jakhals (Vuur), Kebehsemoef als een havik (Water) en Hapi als een baviaan (Lucht of geest van de dageraad). Ze zijn elk gekoppeld aan een godin. Deze godinnen hebben elk weer een kenmerkend uiterlijk. Zij zijn tot ver in de middeleeuwen te vinden, zoals in de Kathedraal van Chartres. Daar versieren een Stier (Isis, Aarde), een Mens (Neith, Vuur), een Leeuw (oorspronkelijk Schorpioen, Selket ,Water) en een Valk (Nephtys, Lucht) de hoekpunten van de tafel waar de Bijbel op gelegd wordt. De Lotus waar de vier Horuszonen op staan staat symbool voor de geboorte van de Zon op de eerste dag. Zo vinden we een relatie met de oppergod Atum, Re of Amen.

Figuur 7.3c: Vier Horus-zonen ( foto N. Aldin Thune )

We kunnen de vier Horuszonen aan de Tetratys relateren via hun relatie met de vier elementen die op de onderste regel (de vierheid) geplaatst zijn. Maar die vier Horuszonen zijn eigenlijk lagere goden. In de Tetractys horen alleen hogere goden. De hogere goden van de vierheid kunnen we in het Egyptische Dodenboek vinden. In een vignet waaruit we eerder het detail met de Lotus haalden is een prachtig tafereel afgebeeld (figuur 7.3d) dat zich afspeelt in de Duat ofwel de onderwereld. De god Anoebis brengt de overleden klerk Hoenefer naar een weegschaal waarmee zijn hart gewogen wordt tegen Maät. Djehoety de schrijver noteert het resultaat. Het monster Ammit, verbonden met de godin Sekhmet, staat klaar om het hart te verslinden als dit als slecht wordt beoordeeld. Het oordeel pakt goed uit, want Horus begeleidt Hoenefer verder naar Osiris.

Figuur 7.3d: Weging van het hart, Hoenefer, ca 1300 v. Chr.

Horus, Sekhmet, Djehoety en Anoebis vormen de vierheid. Horus de Valk hoort bij punt 3) van de Winnaar. Uit de omschrijving van Sekhmet, Djehoety en Anoebis en de rol die ze vervullen in het Dodenboek is af te leiden dat zij op punt 4) van de Romanticus, 5) van de Wijze) en 6) van de Loyalist thuis horen. De complexe relatie tussen de goden en de vier elementen is bij Anoebis terug te vinden via zijn uiterlijk. Hij heeft een mannenlichaam en het hoofd van een jakhals. De Horuszoon Doeamoetof wordt als jakhals afgebeeld en staat voor Vuur. In hoofdstuk 11 zullen we dieper ingaan op de relatie tussen de punten 3), 6) en 9) en de vier elementen. Tefnu is de representant van het geheel van de Vader Shu en zijn nakomelingen, en vormt zo de schaduw van Atum-Re. We verkrijgen zo onderstaande figuur:

Figuur 7.3e: Stadia van de scheppingsmythe van Heliopolis (JG)

Vrijwel alle boeken over het oude Egypte vermelden overigens naast de scheppingsmythe van Heliopolis nog een of twee andere varianten. Het lijkt vreemd dat deze varianten ondanks hun schijnbare tegenspraak allen tegelijk werden aanvaard onder één Farao binnen één cultuur. Maar er is een eenvoudige reden waarom dat zo was. Ze vormen aparte stadia van een en hetzelfde scheppingsproces. De scheppingsmythe van Heliopolis begint bij een troon op een berg, en geeft weinig details over wat vooraf gaat aan deze berg. Maar in de mythe van Hermopolis wordt uitgebreid stil gestaan bij een achttal godheden (de Ogdoade) die gezamenlijk het beginsel Kracht vormen. Deze kracht vormt uiteindelijk de grondslag voor de vorming van een berg. Uit deze berg komt de Zon voort. De berg staat gelijk aan een hiërarchie of Jacobsladder. Wat er vervolgens gebeurt wordt in weinig detail uitgewerkt. Zo gaat de mythe van Hermopolis vooraf aan die van Heliopolis. Een recentere variant van de Ogdoade van Hermopolis komen we nog tegen in Gnostische geschiften die uit een periode kort na Christus stammen (zie ook hoofdstuk 15.5).

7.4        Egyptische deelzielen

Elk mens heeft volgens de oude Egyptenaren negen deelzielen, elk beschermd door zeven Hathors. De deelzielen verblijven in verschillende delen van het lichaam. We herkennen hierin een parallel met de oosterse Chakra’s. Onderstaande tabel geeft verschillende beschrijvingen, zowel uit een meer ‘serieuze’ [14][46] als uit een ‘alternatievere’ hoek [32].

 NaamBeschrijving ABeschrijving B
1Sahoe, SahuGeesteslichaam, dat wat abstract isSpiritueel lichaam, dat wat bij overlijden uit het lichaam ontspringt. Reist naar de andere wereld. Zelfde vorm als Khat (6), maar niet materieel
2RenDe naam, klankNaam van de mens, machtig en heilig
3AakhuDe geest, magische essentieOergeest van het leven in het bloed
4Ba, BaaDe ziel,  het etherische lichaamHartziel, edele en sublieme, verblijft in Aab, verbonden met Ka. Verbindt fysieke met spirituele lichaam.
5Ab, AabHet hart, zetel emotiesZetel van de wijsheid in het hart
6Khatlichaam, vergankelijkheidLijk, bestaat kort, lichaamsgeest, werd leven ingeblazen door Baa
7KaHet astraal lichaamEmotionele lichaam, creatief, veroorzaakt beweging. Er zijn totaal 14 Ka’s.
8KhaibutSchaduw, onbewusteSchim/schaduw van Re, kan buiten lichaam bestaan
9SekhemKrachtLevenskracht in de hemel
Tabel 7.4: Egyptische deelzielen en het Enneagram obv Hope/Wolf (JG)

De beschrijvingen blijken onmiskenbaar in het Enneagram te passen. We kunnen de relatie met het Enneagram in dit stadium van het boek nog maar beperkt controleren omdat we alleen de Enneatypes hebben doorgenomen. Maar ook die kunnen we reeds vergelijken. Als voorbeeld nemen we Enneatype 1), de Perfectionist. Deze is sterk in abstract denken. Dit komt terug in het abstracte kenmerk van Sahu. De ijdelheid van de 2) de Helper komt terug bij Ren. Het is nu nog even zoeken. Maar bij elke stap die we zetten richting het doorgronden van de Enneasteen worden de parallellen sterker. We hebben nu op verschillende manieren relaties gelegd tussen de godenwereld van het oude Egypte, het Enneagram en de Tetractys. De basisingrediënten van de Enneasteen liggen klaar. Het feit dat Pythagoras gestudeerd heeft in Egypte, samen met de bovenstaande tabel met negen deel-zielen en de band tussen het Dodenboek en de Tetractys versterken elkaar. Hoofdstuk 17.9 gaat uitgebreid in op de ontcijfering van het Dodenboek en de directe relatie met de Enneasteen. Via aanvulling met de overige verbindingen die nog in het boek naar voren komen zal blijken dat het geoorloofd is te stellen dat het Enneagram zeker zo oud als het Egyptische Dodenboek is.

# ‎7‑1 De Enneasteen is een model van zeker de zelfde ouderdom als het Egyptische Dodenboek, minimaal vierduizend vierhonderd jaar!

7.5       Babylonie en de leer van Ahura Mazda

Pythagoras is na zijn studie in Egypte als balling naar Babylonië gebracht. Hij kon vanwege zijn grote kennis vrij omgaan met de Perzische priesters of Magoi (Magiërs) die veel kennis van Astrologie bezaten. Ook de Wijzen uit het Oosten van het Nieuwe Testament waren Magiërs. De leer die zij aanhingen, het Zoroastrisme, is geïntroduceerd door Zoroaster (Zaratustra). Deze Profeet was volgens de overlevering oorspronkelijk een herder en leefde wellicht tussen 1400 en 1200 voor Christus. Volgens zijn leer is er één Schepper-God met de naam Ahura Mazda. Het symbool van Ahura Mazda is licht en vuur, dat staat voor Waarheid. Daarom werd Ahura Mazda vaak afgebeeld als Zon, net als Re. Ahura Mazda zou als tegenstrever Angra Mainyu hebben, de destructieve geest van de leugen. Er is zo sprake van een vorm van dualisme. Maar er zijn ook bronnen die aangeven dat het dualisme later in de tijd aan de leer is toegevoegd en dat dit verband houdt met het vemogen tot onderscheiden om te kunnen zien en groeiën. De zesde daad van Ahura Mazda was net als in Genesis het scheppen van de mens Gayo (oud-Perzisch voor leven). Angra Mainyu zou Gayo sterfelijk gemaakt hebben, waarna hij Gayomard heet. Sterfelijkheid is in oud-Perzisch Maretan, wat doorklinkt in Marathon waar de Perzen een grote veldslag tegen de Grieken verloren. Dat de Marathon 42 km lang is is niet toevallig. De betekenis van dit getal komt nog ter sprake als we in hoofdstuk 17.9 het Egyptische Dodenboek bespreken. Toen Gayomard stierf hielp een hond genaamd Geel-oor hem met het oversteken van de brug der scheiding van leven en dood. Dit is een duidelijke verwijzing naar de Egyptische Anoebis die eenzelfde rol en uiterlijk heeft.

In de leer van Zoroaster is net als bij Pythagoras sprake van meerdere levens, waarbij men via het kiezen voor goede daden, juist denken en goede woorden steeds dichter bij Ahura Mazda kan komen. Verder speelde de komst van een verlosser een rol. Deze verlosser zou volgens Slavenburg[5] een voorbereidende rol spelen in het betreden van het rijk van Ahura Mazda, en de mens beoordelen op de dag des oordeels. Ahura Mazda heeft zes hogere kwaliteiten of Amesha Spenta. Deze kwaliteiten hebben een vaste volgorde en kunnen in exact die volgorde in het Enneagram geplaatst worden:

 EnneatypeAmesha SpentaKwaliteit
1PerfectionistVohu ManahDenkvermogen
2HelperAsha VahistuOrdening, eerlijkheid
4RomanticusKshathia VairyaGodsstreven
5WijzeSpenta ArmaitiHeiliging
7CharmeurHaurvatatIntegriteit
8BaasAmereratLeven
Tabel 7.5: Kwaliteiten Ahura Mazda (JG)

Nog veel vroeger in de tijd is in Mesopotamië een systeem te vinden waarin Nammu, de oergodin, boven een zevental mindere goden staat. Ze wordt soms afgebeeld met een slangenhoofd. In de scheppingsmythe ontstaat uit de oeroceaan een wereldberg en worden door Enlil (Lucht) de hemel (An) en de aarde (Ki) gescheiden. Nammu stelt Anu(m) aan als eerste onder de scheppers, en als heerser over de hemel. Anu heeft een raad van goden (Annunaki) waarmee hij zijn bestuur uitoefent. Hij spreekt recht over de Annunaki. Enlil (de Wil) is de scheppende kracht, en krijgt de heerschappij over de Aarde. Of het Pantheon van Mesopotamië ouder is dan dat van Egypte is niet duidelijk, de Egyptische predynastieke Badaricultuur start ca. 4700 v.Chr. De stad Ur is ook zeer oud (4000 v. Chr.) en reeds 3500 v.Chr werd Nammu vereerd. Het spant erom of het spijkerschrift of het Egyptische schrift het oudste is.

7.6        Het Griekse Pantheon in een nieuw licht bekeken

Het oude Egypte stond in contact met het oude Griekenland van vóór Pythagoras. Er wordt wel beweerd dat de vroege Griekse filosofie, ontstaan met Thales van Milete en Pyhagoras, een echte breuk vormt met oudere denkwijzes. Voor het eerst zouden het ontstaan van de wereld en de fenomenen daarin volgens een logisch beredeneerde wijze verklaard worden, gebruik makend van een onderliggend principe. Voor die tijd zou men alleen in staat geweest zijn de wereld om zich heen te verklaren via het scheppen van een fantasierijke en grillige godenwereld, gegarneerd met allerlei mythes. Maar deze gedachte is een grote misvatting. De scheppingsmythe van het oude Griekenland is opgebouwd volgens de zelfde lijnen als de Tetractys van Pythagoras, die weer verbonden is met Egypte. Net als bij de Egyptische scheppingsmythe wordt in een aantal stadia een systeem geschapen dat alle krachten en energieën nauwkeurig rangschikt in een alomvattend systeem. Maar dit is alleen herkenbaar als men bekend is met de diepere betekenissen van de Tetractys en de daarmee verbonden Steen der Wijzen. In zekere zin was Pythagoras dus niet zozeer een vernieuwer die Egyptische ideeën naar Griekenland bracht maar veel meer een reformator.

De Griekse scheppingsmythe begint volgens Hesiodos met Chaos[42]. Ze wordt vaak vrouwelijk genoemd en soms geassocieerd met een oerslang. Hieruit worden duister en licht geschapen. Dan ontstaat vanuit de oerzee het onderscheid tussen Hemel (Ouranos ♂), Aarde (Gaia ♀ ,denk ook aan het Perzische Gayo dat leven betekent) en later Zee (Pontos). Via een reeks van tussenstadia waarin de getallen 3, 6 en 12 een rol spelen ontstaat uiteindelijk een twaalftal goden of krachten onder leiding van schepper Zeus. Zeus regeert vanaf de Olympus. Zijn zus en echtgenoot is Hera (Lucht). Aan zijn broer Poseidon geeft hij de regie over de zee en aardbevingen (Water), en aan zijn andere zus Hestia geeft hij controle over  het Vuur. Demeter krijgt regie over de landbouw (Aarde). Met Hera en de acht andere goden deelt hij het bestuur over de Aarde. Zelf blijft hij echter almachtig. De mens wordt ten slotte uit Water en Vuur geschapen. Dit klinkt door in het Bijbelse Johannes 3, waar de mens geboren wordt uit water en geest. De Griekse goden kunnen we rechtstreeks in de Tetractys plaatsen. De karaktertrekken van de goden zijn gelijk aan de kenmerken van de verschillende Enneatypes. In de Bijbel worden deze goden in de griekse grondtext van Handelingen 17 (Paulus in Athene) ook wel krachten en machten (demonen) genoemd. De plaatsing van de goden is als volgt:

         Figuur 7.6a: Het Griekse Pantheon volgens de Steen der Wijzen

    Figuur 7.6a: Het Griekse Pantheon volgens de Steen der Wijzen

Wie onder de goden verkeert draagt volledige verantwoordelijkheid over de eigen daden en de gevolgen van de eigen beslissingen. Hieronder nemen we de goden een voor een kort door [38] .

0) Zeus

Zeus is vermoedelijk sinds de Myceense tijd (vanaf 1600 v.Chr.) oppergod. Zijn naam betekent ‘stralende’. Hij bemiddelt vanaf zijn berg de Olympus tussen de goden als er conflicten zijn en staat voor orde en harmonie. Zeus is overduidelijk punt 0). Zijn symbolen zijn de regenboog (!), de bliksem en de adelaar. Zeus heeft zijn ogen continu op de wereld die hij bestuurt gericht om te kijken of alles wel goed gaat. Omdat hij volledige controle over zichzelf heeft is hij de meester van alle goden en mensen. Boven Zeus staat het lot of Fatum, waarvan Zeus de voltrekker is.

1) Apollon

Apollon is de god van muziek, licht, orde, rationele schoonheid en beschaving. Apollon hoort op punt 1). Oorspronkelijk was Apollon herder, maar Hermes stal toen hij nog klein was zijn kuddes. Na bemiddeling door Zeus verkreeg Apollon van Hermes als genoegdoenig voor de diefstal een lier. Vervolgens begon Apollon zich aan de muziek te wijden. Hij werd briljant musicus. Toen hij ooit uitgedaagd werd won hij de competitie en strafte hij zijn tegenstander met de dood. Zijn moeder Leto had bij zijn geboorte negen dagen weeën. Uiteindelijk werd Apollon geboren doordat Leto zich vast hield aan een palmboom. Dit klinkt nog door in de Koran (soera 19, 22-34), volgens welke ook Jezus onder een palmboom geboren zou zijn. Apollon is de stichter van Delphi en staat bekend om zijn vermogen in de toekomst te kijken. Ook Pan wordt met Delphi en muziek in verband gebracht. Pan heeft bokkepoten en horentjes. Apollon is de tegenovergestelde van Dionysos. Net als zijn zus Artemis kan hij goed de boog hanteren. Hij gaat dan ook regelmatig met haar jagen. Symbolen van Apollon zijn de laurier en de lauwerkrans.

2) Aphrodite

Aphrodite is de verleidelijke godin van de liefde. Haar Romeinse naam is Venus. Ze verleidt stervelingen naar het huwelijk en naar overspel. Hierbij zet ze haar vertrouweling Eros in, die met pijl en boog de harten van haar slachtoffers raakt. Ze heeft een verzameling verzorgers. Aphrodite is goed thuis op positie 2). Volgens de mythologie daalt Aphrodite af naar de onderwereld waarbij ze langs zeven machten komt. Steeds raakt ze een kledingstuk kwijt, om uiteindelijk naakt aan te komen. Ze wordt ook Mari genoemd, wat haar verbondenheid met de zee uitdrukt.                                                                                                                                                                                                                    

 Figuur 7.6b: Aphrodite

3) Artemis

Op 3) hoort Artemis thuis. Dit is de godin van de jacht en de maan. Ze wordt vaak afgebeeld met een hertje. Zij straft iedereen die haar niet respecteert. Ze is de beschermster van jonge vrouwen die vanwege een huwelijk hun ouderlijk huis verruilen voor dat van hun echtgenoot. Verder is ze de beschermster van de geboorte en het nieuwe leven. Maar ze is zelf maagd. Volgens de mythologie houdt ze zich bezig met tovenaars, heksen en profeten. Ze draagt haar kleding hoog opgetrokken om hard te kunnen rennen. In Efeze is rond 560 v. Chr. een grote tempel aan haar gewijd, een van de klassieke zeven wereldwonderen. De tempel is op 21 juli 356 v.Chr. door brand grotendeels vernietigd. Op die nacht is naar verluid Alexander de Grote geboren. Later noemen de Romeinen haar Diana Lucifera, drager van licht met een drievoudig lichaam.

4) Hephaistos

Hephaistos is de god van de metaalbewerking en hoort op 4). Dit kind was niet geliefd en werd door zijn moeder Hera vanuit de Olympus naar de Aarde gegooid. Hephaistos werd daarbij gewond. Hij woonde in een vulkaan (Etna) en ontdekte dat vuur gebruikt kan worden om metaal te smelten. Zijn Romeinse naam is Vulcanus. Hij werd een kunstig ambachtsman en werkte onder bescherming van Athene, de beschermster van de kunsten. Zijn symbolen zijn de zaag, beitel, tang en hamer. Hij maakte bij een groot vuur kunstige koperen voorwerpen. Sommige bronnen geven aan dat Hephaistos met Aphrodite (2) getrouwd was.

5) Athene

Athene is de godin van wijsheid, bedachtzaamheid en overleg en daarnaast van de krijgskunst en de vrede. Haar plaatsing op 5) vraagt dus niet om een nadere toeliching. Zeus spreekt tot haar als tot zichzelf. Ze is dochter van Zeus, geboren uit zijn hoofd. Ze is beschermster van de kunsten en staat dus ook in verbinding met Apollon. Ze is zelfstandig, zuiver en ontembaar maar heeft een onrustige geest en kan maar moeilijk vergeven. Haar symbolen zijn de olijfboom en de uil.

6) Hermes

Hermes is de betrouwbare boodschapper van de goden en beschermer van kuddes en herders (element Aarde). Hoewel hij zelf over goddelijke krachten beschikt vertegenwoordigt hij toch de wil van zijn collega’s. Hij is dan ook perfect geplaatst op punt 6) van de loyalist. Hij bracht niet alleen boodschappen over, maar bracht ook zielen van overledenen naar de poorten van de Hades of naar Charon, zodat die ze met zijn boot naar hun laatste woonplaats kon brengen. Hij komt voort uit de verbintenis tussen de nimf Maia en Zeus. Hermes vermaakte zich regelmatig met listige grappen. Hij is de uitvinder van de lier en is soms als stapel stenen op een kruispunt afgebeeld.

7) Ares

Op 7) vinden we Ares, god van de oorlog en het conflict. In Rome heet hij Mars. Zijn karakter is onvoorspelbaar, heldhaftig en bloeddorstig, in tegenstelling tot zijn halfzus Athene, die met een strategische aanpak oorlog voert. Ares is betrapt op vreemd gaan met Aphrodite. Hun kind heet Harmonia (7+2=9).

8) Dionysos

Dionysos is makkelijk te plaatsen. Zijn voorliefde voor theater, wijn en luidruchtig vermaak zoals de smartlap is gekoppeld aan punt 8) van de Baas. Zijn symbool is de wijnvrucht, die staat voor groeikracht, warme gloed, zachtheid, moed en goede gaven (goede vruchten). Hij leerde ooit aan de keurige Ikarios om wijn te maken. Toen Ikarios deze aan een aantal herders gaf, werden ze dronken. Maar de herders waren daar niet voor gewaarschuwd. Uit boosheid vermoordden ze Ikarios. In die tijd werd wijn niet puur gedronken, maar in grote stenen vaten aangelengd met water. Dit klinkt door in het eerste wonder van Jezus, die op een bruiloft water in wijn met alcohol (spiritus) veranderde. De volgelingen van Dionysos worden zijn toneelgezelschap genoemd en bestaan uit Satyrs en Maenaden. Satyrs zijn wezens die half bok en half mens zijn. Maenaden zijn bezeten door de manie van Dionysos en al dansend in het bos verslinden ze alle dieren.

   Figuur 7.6c: Dionysos

9) Hera

Hera is de schone vrouw van Zeus. Ze draagt veelal een kroon, en wordt afgebeeld zittende op een troon. Haar naam E-Ra verwijst naar haar totaalheerschappij. Alle andere goden tonen haar eerbied. Ze heerst over de prachtige luchten en de storm. Hera is door haar zoon Hephaistos (4) met kettingen vastgeketend aan haar troon. Dit deed hij uit wraak voor zijn verstoting van de Olympus. Pas na bemiddeling door Dionysus (8) kwam ze vrij. Lange tijd kreeg ze haar plaats als echtgenoot van Zeus niet toegekend. Pas na 300 jaar werd ze als zodanig geïnstalleerd. Omdat Zeus met negen andere vrouwen buitenechtelijke relaties aangaat is ze erg jaloers. Ze houdt haar man continu in de gaten en vervolgt zijn geliefden en hun kinderen als een razende. Maar als ze samen met haar man optrekt dan is er geen kracht die daar tegenop kan.

De Odyssee van Homerus

De Odyssee, het beroemde verhaal van Homerus (ca 800 v.Chr-750 v.Chr. te Chios) is net als het Pantheon verbonden met de architectuur van de Steen der Wijzen. Koning Odysseus van Ithaka beleeft gedurende een reis van 20 jaar allerlei avonturen. Dit prachtige verhaal doorloopt de hoofdvolgorde 8-7-6-5-4-3-2-1-0. Daarbinnen worden soortgelijke reeksen doorlopen. Omdat het verhaal vrij lang is zijn de vele herkenningspunten niet in dit boek opgenomen.

De kinderen van de godin Nyx

Een van de kinderen van  Chaos is de godin Nyx ofwel Nacht. Zij heeft samen met Erebus ofwel de duisternis enkele kinderen. Maar ze brengt daarnaast zonder tussenkomst van haar echtgenoot meerdere kinderen voort. Een mogelijke plaatsing van deze kinderen in de Enneasteen is als volgt:

1) Momus, god van de hoon en ongegronde kritiek

2) Apate, god van de misleiding

3) Eris, god van het conflict en competitie, ongenode gast

4) Thanatos, god van de dood, heeft een gedoofde fakkel

5) Nemesis, god van de gerechtigde wraak

6) Moros, god van het noodlot en naderend onheil

7) Geras, god van de ouderdom

8) Philotes, god van de vriendschap

9) Hypnos, god van de slaap, voortbrenger van dromen. Tweelingbroer van Thanatos.

We zien dat Hypnos een relatie heeft met Thanatos, vergelijkbaar met de relatie tussen Hera en Hephaistos. Verder vermeldt Hesiodos de zeven Hesperiden, nimfen die optreden als beschermers van de gouden appel van onsterfelijkheid.